Menu Sluiten

100 soorten: een luidruchtige speld

In mijn laatste vlog ben ik op zoek geweest naar twee soorten: de tuinfluiter en de grauwe vliegenvanger. Tijdens het filmen heb ik toen met enige regelmaat tuinfluiters gezien en gefotografeerd, maar de grauwe vliegenvanger heeft die dag geschitterd in afwezigheid. Ook de pogingen de dagen daarna hebben een hoop leuke vogels opgeleverd, maar nog geen ‘grauwtje’. Het gaat binnen Voorschoten elk jaar maar om enkele exemplaren, die zich vaak goed verscholen houden in het hoge bladerdek. Het grauwe, onopvallende verenkleed springt er niet echt uit tussen de takken, maar de schelle, hoge zang zou een goed aanknopingspunt moeten zijn. Het wordt dus een beetje zoeken naar een luidruchtige speld in een hooiberg. De meeste grauwtjes arriveren pas halverwege mei, dus tot die tijd spendeer ik een aantal ochtenden op de trekkijklocatie. Daar valt genoeg leuks te zien, alhoewel er weinig massale trek langs lijkt te komen. Het zijn vooral lokale voorbijvliegende vogels die leuke ontmoetingen opleveren.

Zo komen er elke ochtend meerdere oeverlopers voorbij. Druk wippend met hun achterlijf zoeken ze op de oeverrand naar wat te eten, om na een paar minuten weer een stuk verder te vliegen. Ze hebben een hele typerende vlucht: laag over het water scherend, met gebogen vleugels. Een mooie verschijning, zeker in het vroege ochtendlicht.

Niet alle vogelontmoetingen zijn even voordelig voor alle betrokkenen. Vlakbij de kijkpost huist namelijk een havik, een geduchte jager, zo blijkt. Bijna dagelijks komt de vogel met een prooi voorbijgevlogen; soms een jonge eend of kievit, of, zoals op de foto rechts, een volledige volwassen krakeend. De lokale kieviten en scholekster zijn dan ook erg op hun hoede. Zodra de havik zich laat zien, proberen ze met man en macht de vogel weg te jagen om hun jongen te beschermen. Dus zodra dat geschreeuw begint, begin ik de lucht al weer af te speuren, op zoek naar een rover.

Vlak voor mijn voeten wordt ook gejaagd. Een fuut duikt geregeld onder, op zoek naar vis. Deze fuut is er heel druk mee, en begrijpelijk: aan de andere kant van het water zwemt zijn vrouw, met twee jongen op de rug. Die moeten natuurlijk te eten krijgen, dus van ’s ochtends vroeg tot laat op de dag jaagt deze fuut zich een slag in de rondte.

En zo spendeer ik nu al een flink aantal ochtenden langs de waterkant. Rond een uur of 10 wordt het drukker met boten langs de waterkant en valt er weinig vogeltrek meer te bestuderen. Op sommige dagen breng ik dan nog een bezoekje aan een stuk bos, om te kijken of daar wat leuke zangvogels te vinden zijn. Misschien is toch die grauwe al gearriveerd?

Zodra ik aankom bij het bos, word ik door allerlei zangvogels begroet. Zingende tjiftjaffen, winterkoningen, tuinfluiters en zwartkoppen maken wandelen door een bos echt een genot nu. Ook groepen met gierzwaluwen hangen hier nu rond, en doen zich tegoed aan alle vliegen in de lucht. Een leuke vondst is een groepje met glanskoppen. Normaal kom ik er misschien twee of drie tegen, maar nu stuit ik op een groep van minstens tien vogels. Ze laten zich aardig bekijken terwijl ze druk aan het foerageren zijn. Één vogel parkeert zich even op een tak, waardoor ik wat foto’s kan maken. Glanskoppen zijn een stuk kleiner dan koolmezen en hebben geen buikstreep, maar alleen een klein zwart sikje. Dat valt nu extra op, omdat er een koolmees in de buurt vliegt, waardoor formaat en geluid goed uit elkaar te houden zijn. En ook al zijn glanskoppen relatief algemeen voorkomende vogels, ze zijn altijd leuk om te zien, met dat guitige koppie.

Ik speur nog wat af, in de hoop een grauwe vliegenvanger of spotvogel te vinden, maar helaas, geen nieuwe soorten die dag. Een paar dagen later krijg ik de melding dat daar toch een grauwe vliegenvanger gezien is. Het is die dag nog lang genoeg licht om er op uit te trekken, dus gaan met die banaan. Mijn cameratas ligt ingepakt en opgeladen klaar, dus ik stap op de fiets richting de gemelde vogel. Hopelijk is de vogel nog ter plaatse…

Aangekomen bij de locatie, laat de vogel zich al vrij snel horen. Hoog vanuit het gebladerte komt een heldere ‘tjiet’, en na wat gekoekeloer van mijn kant, krijg ik de vogel in beeld. Heel even krijg ik de tijd voor wat plaatjes als de vogel ongeveer mijn richting opkijkt. Daarna verplaatst de vogel zich naar recht boven me, en is er weinig van de vogel te zien, behalve de onderkant. Toch blijf ik een paar minuten staan kijken; vogels, zingend, in hun element, is altijd iets om even van te genieten. Ergens hoop ik dat de vogel wat lager komt te zitten, zodat er fotografisch nog wat meer te halen valt, maar dat lijkt niet te gaan gebeuren. Het zingen gaat onvermoeibaar door, en het wordt tijd om door te gaan. Misschien zingt er verderop wel een tweede vogel, of schuilt er al een spotvogel in de struiken…

Totaal aantal soorten: 118 / 100

Aantal nieuwe soorten: 1

  • Grauwe vliegenvanger