Menu Sluiten

Van nood naar deugd

Bij het fotograferen van wilde dieren, vraag je als fotograaf vaak behoorlijk wat van je apparatuur. Spullen moeten doen waar ze voor gemaakt zijn, ook als het waait, regent, sneeuwt of hagelt. Lenzen met flinke vergrotingen moeten de dieren dichtbij halen. De camera en lens moeten zo snel mogelijk focussen, zodat er geen moment gemist hoeft te worden. Hoge sluitertijden moeten zorgen voor het scherpste resultaat, en digitale ruis willen we eigenlijk helemaal niet zien. Een flinke dosis zon zorgt voor mooi, warm en voldoende licht. Duidelijke ‘eisen’ die in theorie het ‘beste’ resultaat op zouden moeten leveren.

In de praktijk is het vaak zoeken naar het meest ‘werkbare’ resultaat. Met sluitertijden van een 1/1000e van een seconde of korter, komt digitale ruis vrij snel de hoek omkijken. Hard zonlicht levert misschien het scherpste beeld; bij stevige bewolking heb je alle beetjes licht nodig. De camera kan het gebrek aan licht intern compenseren met een hogere ISO-waarde, maar dat levert meer ruis en detailverlies op. Een langzamere sluitertijd zorgt voor meer licht, en dus minder ruis, maar daardoor neemt de kans op bewogen foto’s toe. Het is daardoor vaak zoeken naar de ideale combinatie per moment. Hoe langzaam kan de sluitertijd worden? Welke sluitertijd is nét genoeg?

Zo ben ik ook te werk gegaan met deze sperwer op een zwaarbewolkte ochtend. De vogel landt voor me op een eilandje, en blijft daar een goede twintig minuten zitten. Een luxe die je niet vaak hebt met roofvogels! Dat geeft mooi wat tijd om de camera-instellingen te optimaliseren. Ik schiet de eerste paar foto’s met een sluitertijd van 1/800e van een seconde. Niet bewogen, maar zelfs met een ISO van 6400 blijft de foto onderbelicht, en door de hoeveelheid ruis onbruikbaar. Tijd(!) om de sluitertijd wat terug te brengen. Uiteindelijk lukt het om de sperwer vast te leggen met 1/50e van een seconde; de hoeveelheid ruis is aanzienlijk afgenomen.

De keerzijde van zo’n lage sluitertijd is dat er een aanzienlijke kans op bewogen foto’s is. Haarscherpe foto’s waar iedere veer op te tellen is hebben zeker hun waarde, maar de juiste beweging in een foto kan ook veel toevoegen. Een typerend voorbeeld hiervan zijn foto’s van vliegende vogels. Met een trage sluitertijd is de vliegbeweging meer te zien op de foto; een snelle sluitertijd zal die beweging weghalen, ‘bevriezen’. Een sluitertijd van 1/60e van een seconde legt de beweging vast, maar de vogels zijn nog herkenbaar. Bij nog tragere sluitertijden veranderen de vogels in silhouetten.

Ook bij andere vormen van beweging kan een tragere sluitertijd interessante resultaten opleveren. Deze krakeend is druk aan het poetsen en wassen; de sluitertijd is langzaam genoeg om de beweging van de vleugels op te vangen, maar snel genoeg om de kop en romp scherp te houden.

Dus maak van een nood een deugd; omlaag met de sluitertijd!

Op zondag 16 december staat Bosvogelt van 11:00 tot 17:00 op Kerst Cadeau Markt aan de Vismarkt te Leiden. Haal daar je Bosvogelt-wenskaarten en ansichtkaarten, of kom gezellig langs voor een praatje!